Chronisch nierlijden behandeling en medicatie

Ook wel genoemd: 
Chronische nierinsufficiëntie

Wat is de behandeling van chronisch nierlijden?

Behandeling voor de meeste gevallen van chronisch nierlijden wordt gedaan door huisartsen. Dit komt doordat de meeste gevallen mild tot matig zijn (fase 1-3) en geen speciale behandeling vereisen. Je huisarts kan je naar een specialist sturen als je fase 4 of 5 chronisch nierlijden ontwikkelt, of in elk ander stadium als je problemen of symptomen hebt die gespecialiseerd onderzoek vragen.

De doelstellingen van de behandeling zijn onder meer:

  • Indien mogelijk, het behandelen van elke eventuele onderliggende nieraandoening.
  • Voorkomen of vertragen van de voortgang van chronisch nierlijden.
  • Vermindering van het risico op het ontwikkelen van hart- en vaatziekten.
  • De symptomen en problemen verlichten, veroorzaakt door chronisch nierlijden.

Het behandelen van eventuele onderliggende nieraandoeningen
Er zijn verschillende omstandigheden die kunnen leiden tot chronisch nierlijden. Voor sommigen is er een specifieke behandeling voor die aandoening. Bijvoorbeeld een goede controle van glucose voor mensen met diabetes, bloeddrukcontrole voor mensen met hoge bloeddruk, antibiotica voor mensen met terugkerende nierinfecties, chirurgie voor mensen met een blokkade van de urinestroom, enz.

Voorkomen of vertragen van de voortgang van chronisch nierlijden
Zodra chronisch nierlijden zich heeft ontwikkeld, wordt het in veel gevallen geleidelijk erger gedurende maanden of jaren. Dit kan zich zelfs voordoen als een onderliggende oorzaak is behandeld. Je moet je zo nu en dan door je huisarts of specialist laten controleren om toezicht te houden op je nierfunctie (GFR). Je behandelaar zal ook behandeling en advies geven over hoe het voortschrijden van chronisch nierlijden te vertragen is. Dit omvat:

  • Bloeddrukcontrole. De belangrijkste behandeling om de voortgang van chronisch nierlijden te voorkomen of vertragen, ongeacht de onderliggende oorzaak, is om je bloeddruk goed onder controle te hebben. De meeste mensen met chronisch nierlijden hebben medicijnen nodig om hun bloeddruk op peil te houden. Meestal wordt gestreefd naar een bloeddrukniveau van 130/80 mm Hg of nog lager onder sommige omstandigheden.
  • Overzicht van je medicatie. Sommige geneesmiddelen kunnen als bijwerking invloed hebben op de nieren, wat chronisch nierlijden erger kan maken. Bijvoorbeeld, als je chronisch nierlijden hebt, moet je geen ontstekingsremmende geneesmiddelen nemen, tenzij door een arts geadviseerd. Mogelijk moet je ook de dosering van bepaalde medicijnen aanpassen als je chronisch nierlijden erger wordt.

Vermindering van het risico op het ontwikkelen van hart-en vaatziekten
Mensen met chronisch nierlijden hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van cardiovasculaire aandoeningen, zoals hartziekten, beroerte, en perifere vaataandoeningen. Meer mensen met chronisch nierlijden gaan dood aan hartgerelateerde problemen dan aan nierfalen. Daarom is het verminderen van eventuele andere cardiovasculaire risico-factoren zo belangrijk. Zie folder genaamd 'Preventie van Hart-en vaatziekten' voor de details, maar in het kort omvat dit:

  • Goede controle van de bloeddruk (en bloedsuikerniveau als je diabetes hebt).
  • Medicatie gericht op verlaging van het cholesterolgehalte – nodig in veel gevallen.
  • Een dagelijkse lage dosis aspirine - afhankelijk van je leeftijd en andere factoren. Dit vermindert het risico van de vorming van bloedpropjes, wat helpt bij het voorkomen van hartinfarcten en beroertes.
    • Waar relevante leefstijl-risicofactoren aanpakken. Dit betekent:
    • Stoppen met roken als je rookt.
    • Gezonde voeding met een lage zoutinname.
    • Houd je gewicht en buikomvang onder controle.
    • Doe regelmatig aan lichaamsbeweging.
    • Matig het alcoholgebruik.

Verlichting van symptomen en problemen die veroorzaakt worden door CKD
Als chronisch nierlijden ernstig wordt heb je behandeling nodig ter bestrijding van diverse problemen veroorzaakt door de slechte nierfunctie. Bijvoorbeeld:

  • Bloedarmoede kan zich ontwikkelen, wat behandeling met ijzer of erytropoëtine (een soort hormoon wat normaliter door de nieren wordt geproduceerd) nodig kan hebben. 
  • Onbalans in de hoeveelheden calcium en fosfaat in het bloed kan behandeling nodig hebben.
  • Je kan worden geadviseerd over hoeveel vocht je moet drinken en hoeveel zout je moet nemen.
  • Ander voedingsadvies kan worden gegeven, wat bv van invloed kan zijn op de onderlinge verhouding van calcium en kalium in je lichaam.

Als het eindstadium nierfalen zich ontwikkelt, heb je waarschijnlijk nierdialyse nodig of een niertransplantatie om te overleven.

Mensen met een fase 3 chronisch nierlijden of slechter moeten elk jaar worden ingeënt tegen influenza (griepprik). Mensen met fase 4 chronisch nierlijden moeten worden ingeënt tegen hepatitis B.