Hepatitis B

Wat doet de lever?

De lever ligt in het bovenste rechter gedeelte van de buik. Hij heeft veel functies, zoals:

  • Het opslaan van glycogeen (brandstof voor het lichaam) wat gemaakt is van suikers. Wanneer dat nodig is, wordt glycogeen afgebroken tot glucose en wordt het in de bloedbaan vrijgegeven.
  • Helpen om vetten en proteïnen (eiwitten) uit het verteringsproces te verwerken.
  • Het maken van proteïnen die essentieel zijn voor het bloed om te stollen (stollingsfactoren).
  • Het verwerken van medicijnen.
  • Helpen om alcohol of gifstoffen te verwerken of te verwijderen.
  • Het maken van gal wat door de lever naar de darm gaat om te helpen het voedsel te verteren

Wat is hepatitis en hepatitis B?

Hepatitis betekent een ontsteking van de lever. Er zijn veel oorzaken van hepatitis. Bijvoorbeeld overmatig alcoholgebruik en verschillende virussen kunnen hepatitis veroorzaken. Een van de virussen die hepatitis kan veroorzaken is het hepatitis B virus.

Hoe gebruikelijk is hepatitis B?

Het precieze aantal mensen dat geïnfecteerd is, is onbekend. In Nederland wordt het aantal nieuwe gevallen per jaar geschat op ongeveer 2 per 100.000. Dat komt neer op tussen de 1700 en 1900 meldingen per jaar. Daarvan is ruim 86% een chronische infectie, ongeveer 12% een acute infectie en bij ongeveer 2% blijft de aard van de infectie onbekend. Het komt ruim 3-4x vaker bij mannen voor dan bij vrouwen. De schattingen zijn verder dat ruim 0,5% van de Nederlandse bevolking drager is. In Wereldwijd komt hepatitis B vaak voor, hoewel per land of continent het wel verschillend is. Bijvoorbeeld in delen van Azië en Afrika heeft meer dan 10% van de bevolking een chronische hepatitis B infectie.

Hoe kan je hepatitis B krijgen?

Van moeder op kind (soms ‘verticale transmissie’ genoemd)
Dit is wereldwijd de meest gebruikelijke manier. Dit gebeurt meestal tijdens de geboorte van het kind. Dit is heel gebruikelijk in sommige delen van de wereld waar veel mensen met dit virus geïnfecteerd zijn (maar het is zeldzaam in Nederland).

Van persoon op persoon (soms ‘horizontale transmissie’ genoemd)
Bloed en andere lichaamsvloeistoffen zoals sperma, vaginale afscheiding en speeksel bevatten het virus bij geïnfecteerde mensen. De meest voorkomende wijze waarop mensen in Nederland geïnfecteerd raken zijn de volgende:

  • Het hebben van onveilige seks met een geïnfecteerd persoon. (Noot: veel mensen met hepatitis B realiseren zich niet dat ze geïnfecteerd zijn en kunnen het virus doorgeven tijdens de seks.)
  • Door geïnfecteerd bloed. Er is maar een minuscule hoeveelheid geïnfecteerd bloed nodig wat in contact komt met een snee of wond op jouw lichaam om het virus in je bloedstroom te laten, zich te vermenigvuldigen en de infectie te veroorzaken. Bijvoorbeeld:
    • Het delen van naalden bij intraveneus drugsgebruik. Zelfs een minuscule hoeveelheid van bloed van een geïnfecteerd persoon wat op een naald blijft hangen is genoeg om het zich te laten verspreiden naar anderen.
    • Sommige mensen die een aantal jaren geleden een bloedtransfusie of een ander bloedproduct hebben gehad zijn geïnfecteerd met hepatitis B. Nu, wordt al het bloed dat gedoneerd wordt in Nederland gecontroleerd op het hepatitis B virus (en bepaalde andere infecties). Dus het risico op het krijgen van hepatitis B door een bloedtransfusie is nu heel klein.
    • Door naaldongelukjes waar de naald gebruikt is voor of door een geïnfecteerd persoon.
    • Er is een klein risico om het virus te krijgen door het delen van tandenborstels, scheermesjes en andere dingen die besmet kunnen worden met bloed. Ook kan het gebeuren door het gebruiken van niet steriele apparatuur door de tandarts, bij medische procedures, of bij het zetten van een tatoeage, lichaamspiercing, etc.
    • Een beet van een geïnfecteerd persoon.
      Het virus wordt niet doorgegeven tijdens gewoon sociaal contact zoals handen vasthouden, knuffelen, het delen van kopjes of serviesgoed, etc.

Wat zijn de symptomen en hoe ontwikkelt hepatitis B zich?

Je kunt je hepatitis B voorstellen als een infectie die in twee fasen verloopt. Een acute fase wanneer je net geïnfecteerd bent, en een chronische (aanhoudende) fase wanneer het virus nog lang aanwezig blijft.

Acute infectie
Acuut betekent recent opgelopen en zich snel ontwikkelend. Symptomen van acute hepatitis kunnen zich kort nadat je voor het eerst geïnfecteerd bent door het virus ontwikkelen (binnen 1-6 maanden wat de ‘incubatietijd’ is). Symptomen zijn: misselijkheid, overgeven, buikpijnen, koorts, en over het algemeen niet goed voelen. Sommige mensen krijgen een geelverkleuring van de huid en het oogwit – dit noemen we geelzucht. Dit is het gevolg van een opbouw van de chemische stof bilirubine wat gemaakt wordt in de lever en in het bloed komt bij sommige leveraandoeningen. (Bij geelzucht als gevolg van hepatitis wordt je urine donker, je faeces (ontlasting) kan bleek worden, en je kan jeuk krijgen.)

Symptomen van acute hepatitis B infectie gaan meestal na een paar weken weg omdat het immuunsysteem ofwel het virus opruimt ofwel het onder controle krijgt. Zelden ontwikkelt zich een acute ernstige hepatitis die levensbedreigend is.
In ongeveer de helft van de gevallen ontwikkelen zich geen of slechts milde ‘griepachtige’ symptomen in de acute fase. Je kan je er niet van bewust zijn dat je geïnfecteerd bent met hepatitis B. Vooral baby’s die geïnfecteerd zijn door hun moeder tijdens de geboorte hebben meestal in het begin geen symptomen.

Na de begin ‘acute’ fase:

  • Wordt bij volwassenen in ongeveer 90% van de gevallen het virus binnen 3-6 maanden door het immuunsysteem verwijderd. In deze situatie ben je niet langer infectieus en ben je immuun voor verdere infecties.
  • Bij ongeveer 10% van de volwassenen wordt de infectie chronisch en blijft het virus aanwezig (‘chronische hepatitis B infectie’). Dit kan ontstaan of je nou wel of niet symptomen hebt gehad in de acute fase.
  • Bij meer dan 90%  van de baby’s die geïnfecteerd zijn door hun moeder blijft het virus op de lange termijn aanwezig en wordt de infectie dus chronisch.

Met andere woorden: er is een goede kans op volledig herstel en het weggaan van het virus bij volwassen die geïnfecteerd raken met hepatitis B, maar niet voor pasgeborenen die geïnfecteerd raken.

Chronische infectie
Een chronische hepatitis B infectie is er een die lang aanhoudt – langer dan 6 maanden. Van die mensen die chronische hepatitis B infectie ontwikkelen:

  • Blijft tot 2 op 3 van de mensen gezond. Je kan het virus in je lichaam hebben maar geen schade of problemen aan de lever of andere organen ontwikkelen. Deze mensen worden ‘drager’ genoemd en soms wordt deze situatie ook ‘chronische inactieve hepatitis B’ genoemd. Je kan niet weten dat je geïnfecteerd bent en drager bent. Toch kun je, zelfs als je geen symptomen hebt, het virus nog steeds doorgeven aan anderen die dan problemen kunnen ontwikkelen. Je kan het virus bijvoorbeeld doorgeven bij seksueel contact of bij intraveneus drugsgebruik wanneer je de naald deelt. Ongeveer 1 op 5 dragers raakt uiteindelijk het virus op natuurlijke wijze kwijt, dat wil zeggen door de acties van het immuunsysteem, maar dit kan pas na een aantal jaar zijn.
  • Sommige mensen ontwikkelen een aanhoudende leverontsteking (soms ‘chronische actieve hepatitis B’ genoemd). Symptomen zijn: spierpijn, moeheid, misselijkheid, geen eetlust, alcoholintolerantie, pijnen aan de lever of in de leverstreek, geelzucht, depressie. Symptomen kunnen in ernst variëren en sommige mensen hebben leverontsteking zonder symptomen.
  • Sommige mensen ontwikkelen cirrose. Cirrose beschadiging van de lever wat ernstige problemen kan veroorzaken, en leverfalen tot gevolg kan hebben. Cirrose heeft meestal vele jaren nodig om te ontwikkelen na geïnfecteerd te zijn met hepatitis B. (Zie de aparte folder ‘Cirrose’ genaamd.)
  • Een klein aantal mensen dat cirrose ontwikkelt, krijgen leverkanker na een langere tijdsperiode.
    Een klein aantal mensen ontwikkelt problemen in andere delen van het lichaam. Zo kan het hepatitis B virus soms nierbeschadiging veroorzaken.

Hoe wordt hepatitis B gediagnostiseerd en beoordeeld?

Een simpel bloedonderzoek kan aantonen of je geïnfecteerd bent met het hepatitis B virus. Bij dit onderzoek wordt gezocht naar een proteïne (eiwit) aan de oppervlakte van het virus, het hepatitis B oppervlakte-antigeen (HbsAg) genaamd. Als dit eiwit aantoonbaar is (als je HBsAg positief bent), betekent dit infectie en kunnen andere onderzoeken geadviseerd worden om de ernst van de infectie te bekijken, zoals leverontsteking en schade aan de lever. Bijvoorbeeld:
Een bloedonderzoek kan verschillende delen van het virus ontdekken. Dit kan bijdragen aan de inschatting hoe actief het virus is (als het zich snel vermenigvuldigd wat aangeeft dat het sneller leverbeschadiging kan veroorzaken).

  • Bloedonderzoek naar  de leverfuncties. Deze meten de activiteit van enzymen (chemische stoffen) en andere substanties die gemaakt worden in de lever. Dit geeft een algemeen overzicht of de lever ontstoken is, en hoe goed de lever werkt. Zie de aparte folder ‘Leverfunctietests’.
  • Een echo van de lever.
  • Een biopsie (klein stukje weefsel) van de lever kan genomen worden en bekeken worden onder een microscoop. Dit kan de mate van de ontsteking en cirrose laten zien. Zie de aparte folder ‘Leverbiopsie’.
  • Andere onderzoeken kunnen gedaan worden als zich cirrose of andere complicaties ontwikkelen.

Kan hepatitis B voorkomen worden?

Inentin
Iedereen die een verhoogd risico loopt geïnfecteerd te raken met het hepatitis B virus zou een vaccinatie moeten overwegen. Dit zijn:

  • Medewerkers die in contact kunnen komen met bloed of bloedproducten, of naaldverwondingen kunnen oplopen, aangevallen kunnen worden, etc. Bijvoorbeeld: verplegers, dokters, tandartsen, medische laboratorium medewerkers, gevangenisbewaarders, etc. Ook medewerkers van kinderdagverblijven, dagbehandelingen, centra voor alcohol en drugs, centra voor drugsverslaafden etc. of andere organisaties waar een risico is om gekrabd of gebeten te worden door de bewoners of gebruikers.
  • Mensen die straatdrugs injecteren en hun seksuele partners en kinderen.
  • Mensen die frequent van seksuele partner veranderen.
  • Mensen die dichtbij iemand leven die geïnfecteerd is met hepatitis B. Dit zijn alle gevangenen. Maar ook kunnen families die adopteren of een pleegkind hebben een vaccinatie aangeboden worden als de hepatitis B status van het kind onbekend is. (Je kan geen hepatitis B krijgen van mensen aanraken of gewoon sociaal contact. Dus bezoekers van een huishouden en vrienden lopen meestal geen risico. Maar regelmatige zeer nabije contacten moeten wel gevaccineerd worden.)
  • Mensen die regelmatig bloedtransfusies ontvangen.
  • Mensen met bepaalde nier- of leverziekten.
  • Reizigers naar landen waar hepatitis B gebruikelijk is en waarvan men weet dat men (intensief) contact gaat krijgen met de locale bevolking. Het risicogedrag is seksuele activiteit, drugs injecteren, het ondernemen van werk en/of deelnemen aan contactsporten. Ook, als je een medische of tandartsbehandeling moet ondergaan in deze landen en er risico is dat de behandelingen gedaan wordt zonder steriele apparatuur.

Je hebt drie doses van het vaccin nodig voor volledige bescherming. De tweede dosis wordt meestal een maand na de eerste dosis gegeven. De derde dosis wordt meestal vijf maanden na de tweede dosis gegeven. Een maand na de derde dosis moet je een bloedonderzoek krijgen. Daarbij wordt gecontroleerd of je afweerstoffen hebt aangemaakt tegen het hepatitis B virus en immuun bent. Dit komt doordat bij sommige mensen de drie doses niet genoeg zijn, ze hebben dan nog een vaccinatie nodig.

Een schema met drie vaccinaties sneller achtereen wordt soms ook gebruikt. Dat houdt dan vaccinaties met telkens een maand tussentijd. Soms wordt een nog sneller schema gebruikt. Dit is dat de tweede dosis zeven dagen na de eerste dosis gegeven wordt en de derde dosis 21 dagen na de eerste. Deze snelle schema’s kunnen gebruikt worden als je een hele hoge risico op de infectie loopt en zo snel mogelijk immuun moet zijn. Bijvoorbeeld als je snel naar het buitenland reist, nieuw in de gevangenis bent, of naalden deelt bij intraveneus drugsgebruik. Maar een sneller schema is meestal niet net zo effectief op de lange termijn tenzij er 12 maanden na de eerste dosis een vierde dosis wordt gegeven. Je dokter zal je adviseren over het beste schema in jouw situatie.

Voorkoming na de blootstelling
Als je niet ingeënt bent en blootgesteld bent aan het virus moet je zo snel mogelijk naar een dokter. (Bijvoorbeeld, als je een gezondheidswerker bent en je een naaldverwonding hebt). Je krijgt dan een injectie met afweerstoffen genaamd immuunglobuline en een kuur van vaccinaties. Dit kan het ontwikkelen van de infectie voorkomen.

Het voorkomen van een infectie bij pasgeboren baby’s die risico lopen.
Alle zwangere vrouwen in Nederland worden getest op HbsAg. Als de moeder geïnfecteerd is wordt haar baby geïnjecteerdmet antistoffen en gevaccineerd. (De overdracht van het virus naar de baby ontstaat meestal bij de geboorte en niet tijdens de zwangerschap). Met deze behandeling is er een goede kans de ontwikkeling van de infectie bij de baby te voorkomen.

Als ik geïnfecteerd ben, hoe kan ik dan voorkomen dat ik het virus aan anderen doorgeef?
Als je een actuele hepatitis B infectie hebt moet je:

  • Condooms gebruiken wanneer je seks hebt. Ook kunnen seksuele partners getest willen worden op hepatitis B, en gevaccineerd worden als dat kan.
  • Geen injecteermateriaal delen zoals naalden, injectiespuiten, etc.
  • Geen bloed of sperma doneren, of een donorcodicil dragen.
  • Geen scheermesjes, tandenborstels etc, delen die besmet kunnen zijn met bloed.
  • Sneden en wonden beschermen met een pleister.
  • Als je bloed op de grond of andere oppervlakten druppelt na een ongeluk, wees er dan zeker van dat het schoongemaakt wordt met bleekwater.

Wat is de behandeling van hepatitis B?

Behandeling in de acute fase
Er is geen behandeling die het virus kan doen verdwijnen. Als je symptomen ontwikkelt wanneer je voor het eerst geïnfecteerd bent, beoogt behandeling de symptomen te verminderen tot een haalbaar niveau en tot het lichaam de infectie zelf heeft opgeruimd. Bijvoorbeeld het drinken van genoeg water om dehydratatie (uitdroging) te voorkomen. In zeldzame gevallen ontwikkelt zich een ernstige hepatitis die speciale ziekenhuishulp nodig heeft. Er is geen behandeling die kan voorkómen dat acute hepatitis B chronisch wordt.

Behandeling bij chronische infectie
Niet iedereen met chronische infectie heeft behandeling nodig. Het hangt af van hoe ‘actief’ de ziekte is. Het voornaamste doel van behandeling is om te voorkomen dat de actieve ziekte tot een ernstige leverontsteking en cirrose leidt. Een leverspecialist zal je adviseren over wanneer behandeling kan helpen. In het kort:

Als de test laten zien dat het virus niet zeer actief is (langzaam vermenigvuldigt) en er weinig of geen leverontsteking is, dan heb je een laag risico op het ontwikkelen van ernstige leverproblemen zoals cirrose. Het is niet waarschijnlijk dat je behandeling nodig hebt. Je kan geadviseerd worden om elke 6-12 maanden de leverfuncties te laten onderzoeken om de lever in de gaten te houden.

  • Als de onderzoeken laten zien dat het virus zich snel vermenigvuldigt, of je een aanhoudende ontsteking van de lever hebt, dan wordt behandeling geadviseerd. Er kan antivirale medicatie voorgeschreven worden zoals interferon alfa, peginterferon alfa, lamivudine, entecavir of adefovir, dipivoxil (Hepsera). Deze medicijnen zorgen er niet voor dat het virus uit het lichaam gaat. Ze werken door het virus te laten stoppen met vermenigvuldigen. Dit kan de ernst van leverontsteking en beschadiging van de lever voorkómen of doen afnemen.
  • Antivirale behandeling werkt niet altijd en de bijwerkingen kunnen vervelend zijn. Nieuwere medicijnen worden ontwikkeld en kunnen beter zijn dan de huidige behandelingen. Als je ernstige leverbeschadiging ontwikkelt dan kan een levertransplantatie een optie zijn. Maar de nieuwe lever kan ook beschadigd worden door de aanhoudende hepatitis B infectie die nog in het bloed aanwezig is.

Eetpatroon en Alcohol

De meeste mensen met chronische hepatitis B zal geadviseerd worden om een normaal gezond uitgebalanceerd eetpatroon te volgen. Idealiter zou iedereen met een ontsteking van de lever geen alcohol moeten drinken, of slechts in kleine hoeveelheden. Als je al een leverontsteking hebt verhoogt alcohol het risico en de snelheid van het ontwikkelen van een cirrose.