Hepatitis B vaccinatie

Wat is hepatitis B?

Hepatitis B is een ziekte die veroorzaakt wordt door het hepatitis B-virus. De ziekte treft voornamelijk de lever. Maar als je geïnfecteerd wordt bent is het virus aanwezig in lichaamsvloeistoffen zoals bloed, speeksel, sperma en vaginaal slijm. In Nederland wordt het aantal nieuwe gevallen per jaar geschat op ongeveer 2 per 100.000. Dat komt neer op tussen de 1700 en 1900 meldingen per jaar. Daarvan is ruim 86% een chronische infectie, ongeveer 12% een acute infectie en bij ongeveer 2% blijft de aard van de infectie onbekend. Het komt ruim 3-4x vaker bij mannen voor dan bij vrouwen. De schattingen zijn verder dat ruim 0,5% van de Nederlandse bevolking drager is. In Wereldwijd komt hepatitis B vaak voor, hoewel per land of continent het wel verschillend is. Bijvoorbeeld in delen van Azië en Afrika heeft meer dan 10% van de bevolking een chronische hepatitis B infectie.

Als je geïnfecteerd bent met het hepatitis B-virus, kunnen de beginnende symptomen variëren van geen symptomen tot een ernstige ziekte. Na deze ‘acute fase’, blijft het virus ineen aantal gevallen nog een lange tijd in het lichaam. Deze mensen worden ‘drager’ genoemd. Sommige dragers hebben geen symptomen maar kunnen het virus nog steeds aan anderen doorgeven. Ongeveer 1 op 4 dragers ontwikkelt uiteindelijk een ernstige leverziekte zoals chronische hepatitis, cirrose en in sommige gevallen ontwikkelt zich leverkanker na een aantal jaren.
Zie de aparte folder ‘Hepatitis B’ voor meer details van de ziekte.

Alle zwangere vrouwen in Nederland worden getest op HbsAG, de aanwezigheid van antistoffen tegen hepatitis B.

Hoe wordt hepatitis B doorgegeven?

Het hepatitis B-virus wordt van persoon tot persoon doorgegeven door middel van:

  • Bloed op bloed contact. Drugsverslaafden die naalden delen of andere spullen die geïnfecteerd kunnen zijn met bloed. (Bloed dat gebruikt wordt voor transfusies wordt nu standaard onderzocht op het hepatitis B virus).
  • Het hebben van onveilige seks met een geïnfecteerd persoon.
  • Van een geïnfecteerde moeder die het doorgeeft aan haar baby.
  • Een mensenbeet van een geïnfecteerd persoon.

Wie heeft een hepatitis B-vaccinatie nodig?

Iedereen die het risico loopt om geïnfecteerd te raken met het hepatitis B virus zou moeten overwegen gevaccineerd te worden. Dit zijn:

  • Medewerkers die in contact kunnen komen met bloed of bloedproducten, of naaldverwondingen kunnen oplopen, aangevallen kunnen worden, etc. Bijvoorbeeld: verplegers, dokters, tandartsen, medische laboratorium medewerkers, gevangenisbewaarders, etc. Ook medewerkers van kinderdagverblijven, dagbehandelingen, centra voor alcohol en drugs, centra voor drugsverslaafden etc. of andere organisaties waar een risico is om gekrabd of gebeten te worden door de bewoners of gebruikers.
  • Mensen die straatdrugs injecteren en hun seksuele partners en kinderen.
  • Mensen die frequent van seksuele partner veranderen.
  • Mensen die dichtbij iemand leven die geïnfecteerd is met hepatitis B. Dit zijn alle gevangenen. Maar ook kunnen families die adopteren of een pleegkind hebben een vaccinatie aangeboden worden als de hepatitis B status van het kind onbekend is. (Je kan geen hepatitis B krijgen van mensen aanraken of gewoon sociaal contact. Dus
  • bezoekers van een huishouden en vrienden lopen meestal geen risico. Maar regelmatige zeer nabije contacten moeten wel gevaccineerd worden.)
  • Mensen die regelmatig bloedtransfusies ontvangen.
  • Mensen met bepaalde nier- of leverziekten.
  • Reizigers naar landen waar hepatitis B gebruikelijk is en waarvan men weet dat men (intensief) contact gaat krijgen met de locale bevolking. Het risicogedrag is seksuele activiteit, drugs injecteren, het ondernemen van werk en/of deelnemen aan contactsporten. Ook, als je een medische of tandartsbehandeling moet ondergaan in deze landen en er risico is dat de behandelingen gedaan wordt zonder steriele apparatuur.

Het inentingsschema

Je hebt drie vaccinaties nodig voor volledige bescherming. De tweede dosis wordt meestal een maand na de eerste dosis gegeven. De derde dosis wordt meestal vijf maanden na de tweede dosis gegeven.

Een maand na de derde dosis heb je bloedonderzoek nodig. Dat onderzoek moet gedaan worden als je risico loopt op infectie bv op je werk, met name als je werkt in de gezondheidszorg of in een laboratorium (kans op bloed- of naaldcontact) of als je bepaalde nierziekten hebt. Je kunt advies krijgen of je een bloedonderzoek nodig hebt. Dit onderzoek toont aan of je afweerstoffen tegen het hepatitis B virus hebt gemaakt en immuun bent. Dit wordt gedaan omdat na het vaccinatieschema van 3 vaccinaties ongeveer 10% van de mensen nog niet voldoende immuun is, dan is een boosterinjectie nodig na vijf jaar. Normaal ben je na 3 vaccinaties immuun voor 10 jaar.

Het schema is hetzelfde voor het gecombineerde hepatitis A en B vaccin wat ook beschikbaar is.

Snel inentingsschema
Soms wordt een sneller vaccinatieschema gebruikt. Dit is dat de vaccinaties met een maand er tussen genomen worden. Soms wordt een nog sneller schema gebruikt. Dit is dat de tweede vaccinatie zeven dagen na de eerste wordt gegeven en de derde vaccinatie 21 dagen na de eerste. Deze snelle schema’s kunnen gebruikt worden als je een heel hoge risico op de infectie loopt en zo snel mogelijk immuun moet zijn. Bijvoorbeeld als je snel naar het buitenland reist, nieuw in de gevangenis bent, of naalden voor intraveneuze drugs deelt. Maar een sneller schema is meestal niet zo effectief voor immuniteit op de lange termijn tenzij er 12 maanden na de eerste dosis een vierde vaccinatie (booster) wordt gegeven. Vraag advies.

Zijn er bijwerkingen van hepatitis B-vaccinatie?

Bijwerkingen zijn ongebruikelijk. Sommige mensen ontwikkelen gevoeligheid en roodheid op de plek van de injectie. Zelden ontwikkelen sommige mensen lichte koorts en een griepachtige beeld gedurende een paar dagen na de injectie.

Wat moet ik als ik in contact kom met hepatitis B en ik niet gevaccineerd ben?

Vraag zo snel mogelijk om medische hulp als je het risico loopt in aanraking te komen (of geweest te zijn) met een mogelijke bron van infectie en niet gevaccineerd bent. Bijvoorbeeld, als je een naaldverwonding hebt gehad of gebeten bent door iemand met hepatitis B, etc.

Je zou zo snel mogelijk een injectie met immuunglobuline moeten krijgen. Deze bevat afweerstoffen tegen het virus en geeft korte termijn bescherming. Je moet ook een kuur van vaccinaties starten. Het hepatitis B vaccin is zeer effectief bij het voorkómen van een infectie als deze kort na het contact met het hepatitis B-virus gegeven wordt. Zelfs als je het hepatitis B-vaccin gehad hebt en het risico op infectie loopt (bijvoorbeeld door onveilige seks gehad te hebben of door het delen van besmette naalden) moet je advies vragen over een booster vaccinatie of zelfs een injectie met immuunglobuline.

Baby’s die geboren worden uit een geïnfecteerde moeders moeten zo snel mogelijk na de geboorte een injectie van immuunglobuline krijgen. Ze moeten ook gevaccineerd worden. De eerste dosis van het vaccin wordt gegeven binnen de eerste twee dagen na de geboorte. Dit wordt gevolgd door drie andere doses na 1 maand, 2 maanden en 12 maanden na de eerste vaccinatie.

Wie moet zeker geen hepatitis B-vaccinatie krijgen?

  • Als je een ziekte hebt die koorts veroorzaakt is het het beste om de vaccinatie uit te stellen tot na de ziekte.
  • Je zou geen booster moeten krijgen als je in het verleden een ernstige reactie hebt gehad op dit vaccin.

Het vaccin kan gegeven worden als je zwanger bent of borstvoeding geeft en vaccinatie tegen hepatitis toch noodzakelijk is.