Hersenkanker en hersentumoren

De hersenen

De voornaamste onderdelen van de hersenen zijn:

  • Het cerebrum (de grote hersenen of telencephalon). Deze grote hersenen bestaan uit twee delen: de rechter hemisfeer, die de linkerkant van het lichaam bestuurt en de linkerhemisfeer, die de rechterkant van het lichaam bestuurt. Iedere hemisfeer is weer verdeeld in diverse onderdelen, zoals de frontaal kwab, de slaapkwab, de wandkwab (pariëtaalkwab) en de achterhoofdskwab.
    De grote hersenen is de plek waar je ‘denkt’ en waar zaken plaatshebben als logisch redeneren, planning, geheugen en emotie.
  • Het cerebellum (de kleine hersenen) ligt achter en onder het cerebrum. Ze houden vooral de bewegingen onder controle en zorgen voor het evenwicht.
  • De hersenstam ‘bestuurt’ een aantal basisfuncties van het lichaam zoals de hartslag, ademhaling en de bloeddruk. Zenuwbanen vanuit de cerebrum lopen via de hersenstam naar het ruggenmerg (verlengde merg).
  • De hersenvliezen bestaat uit drie dunne laagjes weefsel die liggen tussen de hersenen en de schedel. Het buitenste deel, het dichtst bij de schedel, wordt dura mater (of het harde hersen- of ruggenmergsvlies) genoemd. De middelste laag is de arachnoidea (spinnenwebvlies) en de binnenste laag het zachte hersenvlies (pia mater). In dit zachte hersenvlies liggen de hersenen en het ruggenmerg.
  • De hypofyse. Deze brengt hormonen in de bloedsomloop.

De belangrijkste soort hersencellen worden de neuronen of zenuwcellen genoemd. Daarvan zitten er miljoenen in de hersenen. Zenuwcellen hebben lange, dunne zenuwvezeltjes, waardoor ze ‘boodschappen’ kunnen uitzenden naar andere delen van de hersenen – en via het ruggenmerg naar andere delen van het lichaam.

De hersenen bevatten verder ook gliacellen. Deze bieden ondersteuning, voeding en bescherming aan de zenuwcellen. Er zijn verschillende soorten gliacellen, waaronder de astrocyten, oligodendrocyten en ependymale cellen.

Wat zijn tumoren?

Tumoren zijn bulten of ‘vergroeiingen’ die bestaan uit abnormale cellen. Ze worden onderverdeeld in twee soorten: goedaardig en kwaadaardig.

Goedaardige tumoren
Deze kunnen ontstaan in allerlei delen van het lichaam. Ze groeien langzaam, verspreiden zich niet (zaaien niet uit, maar blijven lokaal groeien) en dringen niet door in het omringend weefsel. Het zijn geen ‘kankergezwellen’ en over het algemeen zijn ze ook niet levensbedreigend.
Meestal kan een goedaardige tumor geen kwaad en hoeft er niets te worden gedaan. Af en toe kan het echter wel voor problemen zorgen. Bijvoorbeeld als de tumor zo groot wordt dat hij plaatselijk teveel druk geeft (vooral in de hersenen). Verder kunnen ook goedaardige tumoren die ontstaan in de cellen van hormoonproducerende klieren ervoor zorgen dat er té veel hormonen worden geproduceerd. Dat levert ongewenste effecten op.

Kwaadaardige tumoren
Deze bestaan uit kankercellen. Ze worden hierna beschreven.

Wat is kanker?

Kanker is een ziekte van de lichaamscellen. Er zijn heel veel verschillende soorten cellen en daardoor kunnen er ook heel veel verschillende soorten kanker ontstaan. Wat bij alle soorten kanker echter hetzelfde is, is dat de kankercellen zich abnormaal en ongecontroleerd vermeerderen. Toch zijn er een heleboel soorten kanker, die allemaal net iets anders zijn. Bijvoorbeeld:

  • Sommige soorten kanker zijn ‘agressiever’, groeien sneller en verspreiden zich eerder en makkelijker naar andere delen van het lichaam.
  • Behandeling zal bij de ene kankersoort beter werken dan bij een andere kankersoort, met name als de ziekte vroeg wordt ontdekt.
  • Bepaalde soorten reageren beter op chemotherapie, bestraling of andere behandelingen.
  • De prognose is bij de een beter dan bij de ander. Voor sommige soorten kanker zijn de kansen op een succesvolle genezing zeer goed. Andere hebben echter veel minder goede vooruitzichten.

‘Kanker’ is dus niet één op zichzelf staande ziekte. Het is altijd heel belangrijk om precies te weten om welke soort kanker het gaat, hoe ver hij al is ontwikkeld en of er uitzaaiingen zijn naar andere delen van het lichaam. Alleen dan kan met enige zekerheid worden gezegd welke behandelmethodes uitzicht geven op welke resultaten.

De plaats waar een tumor zich voor het eerst ontwikkelt wordt de ‘primaire tumor’ genoemd. Kwaadaardige tumoren kunnen zorgen voor verspreiding van de ziekte door het lichaam. Er ontstaan dan ‘secundaire tumoren’ ofwel metastasen, of ‘dochtergezwellen’ genoemd. Deze metastasen kunnen weer uitgroeien en nabijgelegen weefsel en organen aantasten en de ziekte zo verder verspreiden.

Kwaadaardige hersentumoren – Primaire kwaadaardige hersentumoren

Een primaire kwaadaardige hersentumor is een kanker die ontstaat vanuit een cel in de hersenen. De cellen van de tumor dringen in het hersenweefsel door en beschadigen het. Net als goedaardige tumoren, kunnen deze kwaadaardige soorten zorgen voor een grote(re) druk in de schedel.

In tegenstelling tot de meeste andere soorten kwaadaardige tumoren, zullen primaire kwaadaardige hersentumoren zich bijna nooit uitzaaien naar andere delen van het lichaam.

Er zijn diverse soorten primaire kwaadaardige hersentumoren. Ze ontstaan uit verschillende hersencellen. Over het algemeen wordt elk type verdeeld in een schaal van 1 tot 4 ‘types’ of ‘gradaties’. Type 1 en Type 2 tumoren worden als ‘laag kwaadaardig’ (lage gradatie) gezien. Type 3 en Type 4 als ‘hoog kwaadaardig’ (hoge gradatie). Hoe hoger op de schaal (hoe hoger de gradatie), hoe agressiever de tumor en hoe sneller hij groeit. De mogelijke behandelingen en vooruitzichten kunnen verschillen, afhankelijk van de soort en het ‘type’ kanker.

Kwaadaardige hersentumoren – Secundaire kwaadaardige hersentumoren

Een secundaire kwaadaardige hersentumor is een kanker die zich vanuit een andere plaats in het lichaam naar de hersenen heeft verspreidt. Veel soorten kanker kunnen zich naar de hersenen uitzaaien. Meestal gaat het daarbij om borstkanker, longkanker, darmkanker, kanker aan de nieren en huidkanker.

Diverse soorten hersentumoren

Er doen zich veel verschillende soorten goedaardige en primaire kwaadaardige hersentumoren voor. Vele daarvan zijn heel zeldzaam. Hierna een algemeen overzicht van de belangrijkste soorten:

Meningioom
Eigenlijk altijd een goedaardige tumor. Komen meestal voort uit de cellen in het hersenvlies.

Medulloblastoom
Deze tumoren ontstaan in de kleine hersenen en zijn zeer kwaadaardig. Ze komen bij volwassenen weinig voor. Bij kinderen is het één van de twee meest voorkomende hersentumoren (de andere is een astrocytoom in het centrale zenuwstelsel).

Glioom
Deze primaire kwaadaardige hersentumoren ontstaan in gliacellen. Er bestaan diverse soorten, afhankelijk van de cellen waarin ze ontstaan. Bijvoorbeeld:

  • Astrocytoom (origineel ontstaan in de cellen van het zenuwstelsel). Er zijn verschillende soorten, waaronder:
    • ‘Lage gradatie’ astrocytoom.
    • Anaplastisch astrocytoom. Dit is een ‘hoge gradatie’ tumor.
  • Multiform glioblastoom. Een ‘hoge gradatie’ tumor die vrij snel groeit. Het is de meest voorkomende soort primaire kwaadaardige hersentumoren bij volwassenen.
  • Oligodendroglioom (voortkomend uit de ligodendrocyten). Deze kunnen sterk uiteenlopen in hun gradatie.
  • Ependymoom (ontstaan vanuit de ependymcellen). Zeldzaam en meestal van lage gradatie.

Primitieve neuroectodermale tumoren (PNET)
Deze lijken erg veel op medulloblastomen en zijn de meest voorkomende kwaadaardige hersentumoren bij kinderen.

Hypofysetumoren
Vanuit de cellen in de hypofyse kan een groot aantal verschillende tumoren ontstaan. Veelal zijn deze goedaardig en mogelijk kunnen ze zelfs genegeerd worden, hoewel dat laatste meestal niet gebeurt, omdat de cellen van dergelijke tumoren vaak grote hoeveelheden hormonen produceren. Dat kan dan weer leiden tot allerlei kwalijke complicaties.
Als dit soort tumoren groeit, kunnen ze ook problemen geven met zien, omdat ze dan met name druk geven op de oogzenuwen.

Acusticus neurinoom (schwannoom of brughoektumor)
Een tumor, die ontstaat uit de cellen die liggen rondom de zenuw die naar het oor gaat (de nervus acusticus die ligt in de schede van Schwann). Soms kan dit duizeligheid veroorzaken, maar ook doofheid aan de betreffende kant.

Andere
Behalve de genoemde, zijn er nog meer zowel goed- als kwaadaardige hersentumoren.

Wat veroorzaakt hersentumoren?

De échte oorzaak van zowel goedaardige hersentumoren als primaire kwaadaardige hersentumoren is niet bekend.

Erfelijkheid kan in een aantal gevallen (ongeveer 1 op de 20) een verhoogde kans op kanker geven. Voorbeelden zijn erfelijke ziektes als neurofibromatose type 1 (de ziekte van Von Recklinghausen), Syndroom van Turcot, Li-Fraumeni Syndroom (LFS) en Tubereuze Sclerose. Die zorgen voor een hoger risico op het ontstaan van een glioom. In de meeste van deze gevallen ontstaat het glioom bij kinderen of jong-volwassenen. Ze maken slechts een klein percentage uit van alle gevallen van glioom.

De meeste gevallen van glioom ontwikkelen zich bij oudere personen. Erfelijke factoren worden daarbij niet als oorzaak gezien.

Soms wordt gesteld dat een eerdere bestraling van de hersenen het risico op een hersentumor kan vergroten.

Er is geen sterk, definitief bewijs, dat het gebruik van mobiele telefoons het risico op een hersentumor kan versterken.

‘Secundaire tumoren’ (metastasen of ‘dochtergezwellen’) ontstaan vanuit verschillende soorten kanker in allerlei delen van het lichaam. De oorzaken voor die diverse kankersoorten zijn per soort anders. Je vindt hierover meer informatie in de artikelen die deze kankersoorten behandelen.

Hoe vaak komen hersentumoren voor?

Zowel goedaardige als primaire kwaadaardige hersentumoren zijn zeldzaam. Per jaar worden in Nederland bij ongeveer 990 mensen (waaronder 100 kinderen) een hersentumor ontdekt. Bij volwassenen gaat het in de meeste gevallen om goedaardige meningiomen of een bepaald glioom, genoemd glioblastoma multiforme (GBM of astrocytoom graad 4: het meest voorkomende en helaas ook meest agressieve glioom).

Hersentumoren kunnen op elke leeftijd ontstaan. Sommige soorten, zoals het medulloblastoom, komen vaker voor bij kinderen, andere soorten weer meer bij volwassenen. Over het algemeen komen tumoren bij volwassenen steeds vaker voor, naarmate men ouder wordt.

‘Secundaire’ hersentumoren (uitzaaiingen vanuit een andere kankersoort ergens anders in het lichaam) komen vaker voor dan goedaardige en primaire kwaadaardige hersentumoren.

Wat zijn de verschijnselen die optreden bij een hersentumor?

Algemene verschijnselen

In het begin heb je vooral hoofdpijn en voel je je ziek. Dat komt door de toenemende druk op de hersenen in de schedel (intracraniële druk). Aanvankelijk verdwijnen de klachten af en toe nog wel. Ze zijn vooral ’s morgens het sterkst. Door hoesten, niezen en bukken verergeren de klachten. Soms kan een epileptische aanval (stuipen) optreden. Als de tumor groeit, zul je soms wat afwezig raken; wat slaperig zijn.

Opmerking: de meeste mensen met hoofdpijn of epilepsie hebben geen hersentumor.

Verschijnselen, afhankelijk van de plaats van de tumor in de hersenen
Een tumor die groeit kan het omringende hersenweefsel beschadigen. Nu zorgen de hersenen voor het ‘besturen’ van alle verschillende delen van het lichaam. Een beschadiging kan dat verstoren. Het zal erg afhangen van de plaats van de tumor en van hoe groot de druk of de beschadiging is, welke gevolgen we zien. Gevolgen kunnen, bijvoorbeeld, zijn:

  • Minder kracht in de spieren van een arm, been, deel van het gezicht, of de ogen.
  • Problemen met evenwicht en geen controle over bepaalde bewegingen. Minder goed kunnen zien, horen, praten, slikken.
  • De reuk verdwijnt.
  • Duizeligheid en onvast in bewegingen.
  • Gevoelloosheid of minder gevoel in een deel van het lichaam.
  • Verward zijn.
  • Veranderingen in het karakter (de persoonlijkheid).
  • Andere werking van hormonen in het lichaam (met alle gevolgen van dien) als je een tumor hebt, ontstaan uit hypofyse cellen.

Al deze gevolgen worden steeds sterker, als de tumor groeit.

Hoe wordt bepaald of je een hersentumor hebt (diagnose)?

Als een hersentumor wordt vermoed, zal je dokter je onderzoeken op bepaalde verschijnselen. Bij zo’n onderzoek wordt ook gekeken naar de hersenfuncties en hoe goed de zenuwen werken (beweging, reflexen, het zien, enzovoorts).

Gebruikelijk is het ook om een MRI-scan of CT-scan van het hoofd te maken. Meer informatie hierover kun je vinden in de artikelen ‘MRI-scan’ en ‘CT-scan’.

Wordt een tumor ontdekt, dan zullen nog uitgebreidere en meer gedetailleerde scans gemaakt worden. Bijvoorbeeld een PET-scan of een angiogram (waarbij via een vaatkatheter een contrastvloeistof in de bloedvaten wordt gespoten, voor een betere opname).

Vaak zal ook een biopsie nodig zijn om de soort tumor te bepalen. Daarbij wordt een klein stukje weefsel uit het lichaam afgenomen. Dit stukje weefsel wordt vervolgens onder de microscoop onderzocht, waarbij wordt gekeken of er abnormale cellen in zitten.

Voor een biopsie op een hersentumor is vaak een kleine operatie (onder algehele verdoving) nodig. Er wordt een klein gaatje in de schedel geboord, waardoor een dunne naald gestoken kan worden, waarmee het stukje weefsel uit de hersenen wordt gehaald. Door de cellen in dit stukje weefsel te onderzoeken, kan worden vastgesteld om wat voor soort tumor het gaat, óf deze kwaadaardig is en – zo ja – welk type (hoe kwaadaardig) het is (zie hierboven).

Als het vermoeden bestaat dat het gaat om een ‘secundaire tumor’ (dus afkomstig van een kanker ergens anders in het lichaam) dan worden diverse andere onderzoeken gedaan (zoals bloedonderzoek) om er achter te komen welke kanker ‘primair’ (de veroorzaker) is.

Longkanker zaait, bijvoorbeeld, vaak uit naar de hersenen. Wordt aan longkanker gedacht als ‘primaire’ kanker, dan zal een röntgenfoto van de borstkas (thoraxfoto) gemaakt worden.
In geval van verdenking op een tumor vanuit de hypofyse, zullen hormoononderzoeken gedaan worden.

Wat is de mogelijke behandeling van een hersentumor?

Mogelijke behandelingen kunnen bestaan uit opereren, chemotherapie, bestraling en medicijnen die bepaalde verschijnselen (zoals het snel groeien) onder controle houden. Voor welke behandeling (of combinatie van behandelingen) wordt gekozen, is afhankelijk van een heleboel omstandigheden.

Bijvoorbeeld: het soort hersentumor, hoe kwaadaardig hij is, de plaats waar hij precies zit en – ook – je algemene gezondheid.

Operatie
Bij zowel goedaardige als bij primaire kwaadaardige hersentumoren is een operatie vaak de belangrijkste behandelmethode. Het doel van de operatie is om de tumor (of soms een deel van de tumor) weg te halen en daarbij zo weinig mogelijk omringend weefsel te beschadigen. Of er geopereerd wordt zal door je specialist (vaak in overleg met een team van specialisten) worden bepaald.

Bestralen
Bij een bestraling wordt een hele grote hoeveelheid radioactieve straling gericht op het gebied met de kankercellen. Daardoor worden die cellen vernietigd, of stopt de uitzaaiing.
(Lees ook het artikel: ‘Bestralen – radiotherapie’).

Soms wordt voor bestraling gekozen in plaats van een operatie. Meestal als een operatie niet mogelijk is. Bestraling ná een operatie (ook wel een ‘adjuvante behandeling’ genoemd) wordt vooral gedaan als het niet mogelijk is geweest om de hele tumor weg te halen. Met de bestraling wordt geprobeerd de achtergebleven kankercellen te vernietigen.

Chemotherapie
Chemotherapie is een behandeling, waarbij met chemische medicijnen wordt geprobeerd de kankercellen te vernietigen en/of de uitzaaiing te stoppen.
(Lees ook het artikel: ‘’Chemotherapie’).

Meestal wordt chemotherapie bij een hersentumor gebruikt als ‘extra behandeling’ (adjuvant) na een operatie en als aanvulling op bestraling. Dat zal afhankelijk zijn van allerlei omstandigheden, zoals bijvoorbeeld het soort tumor.

Medicijnen om de verschijnselen onder controle te houden.

Zorgt de hersentumor voor epileptische aanvallen, dan wordt vaak een anticonvulsivum (anti-epilepticum) voorgeschreven. Dat is een medicijn dat deze aanvallen voorkomt of vermindert.
Hoofdpijn zal worden bestreden met pijnstillers en met corticosteroïden worden infecties rondom hersentumoren tegengegaan. Voornaamste doel is hierbij om de druk in de schedel te verminderen, waardoor de pijnklachten en andere verschijnselen, zoals duizeligheid, afnemen.

Degenen die je het beste op de hoogte kunnen stellen van jouw situatie zijn uiteraard de specialisten door wie je wordt behandeld. Zij kunnen je vertellen wat de vooruitzichten zijn, hoeveel kans op succes een behandeling geeft, wat de complicaties kunnen zijn en andere details.

Vraag ook altijd wat het doel van een behandelplan is.  Bijvoorbeeld:

  • In een aantal gevallen wordt behandeling helemaal gericht op genezing. Dat is met name mogelijk als het gaat om een goedaardige tumor die met een operatie is te verwijderen.
  • De kans op genezing bij een kwaadaardige tumor is moeilijk aan te geven. Er spelen namelijk nogal wat zaken, zoals het soort tumor, de mate van kwaadaardigheid en de plaats in de hersenen.
  • Bij kwaadaardige tumoren zullen dokters overigens niet snel van ‘genezen’ spreken. Ze hebben het eerder over ‘remissie’. Daarmee bedoelen ze dat ze er naar streven om de tumor volledig weg te hebben aan het eind van de behandeling.
  • Daarna zou je jezelf als ‘genezen’ kunnen beschouwen. De kans dat er weer een tumor ontstaat is echter altijd aanwezig. Vandaar dat dokter liever niet definitief het woord ‘genezen’ gebruikt.
  • In andere gevallen kan de bedoeling van een behandeling vooral zijn om de kanker onder controle te krijgen. Is genezen normaal gesproken niet mogelijk, dan kan er met een goede behandeling heel veel aan worden gedaan om het groeien en het verspreiden van de kankercellen te vertragen. Daardoor worden de verschijnselen vaak langere tijd tegengehouden.
  • Soms kunnen door behandeling alleen maar de verschijnselen, zoals pijn, worden bestreden (palliatieve zorg). Ook al is genezing niet mogelijk, dan kunnen pijnstillers of een andere behandeling er toch voor zorgen dat je – ondanks de kanker – redelijk kunt leven.

Wat is de prognose?

Het is heel moeilijk om algemeen aan te geven wat de vooruitzichten zijn als je een hersentumor hebt. Eigenlijk geldt hierbij dat dit bij iedereen anders is. Heb je, bijvoorbeeld, een goedaardige meningioom op een plaats die makkelijk te opereren is, dan zijn de vooruitzichten uitstekend. Voor primaire kwaadaardige hersentumoren is het al veel moeilijker te zeggen. Hier zal gekeken moeten worden naar de soort tumor, de kwaadaardigheid en de plaats van de tumor. Heb je een ‘secundaire tumor’, dan zijn de vooruitzichten meestal niet goed.

In de behandeling van kanker vinden grote ontwikkelingen plaats. Er wordt heel veel onderzoek gedaan en de resultaten zijn vaak hoopgevend. De informatie zoals die hierboven staat is gebaseerd op een momentopname. Morgen kan het alweer anders zijn… Je specialist is op de hoogte van de laatste nieuwe ontwikkelingen en kan de beste behandeling van het moment adviseren.