Stagering en gradering van kanker

Hoe is de groei van kanker, en hoe zaait deze uit?

Wanneer het onbehandeld wordt, doorloopt kanker vaak vier fasen.

Stadium I (of Fase I): Lokale groei
Kankercellen vermenigvuldigen zich snel. Een kanker (kwaadaardige tumor) is een 'knobbeltje' of 'groei' van weefsel bestaande uit kankercellen. Kankergezwellen ontwikkelen zich normaal op één originele plek: de primaire tumor. Echter, om te groeien moet een tumor bloedtoevoer ontwikkelen om zuurstof en voeding te verkrijgen voor de nieuwe en zich delende cellen. In feite zou een tumor niet groter worden dan een punaise als het geen bloedtoevoer had. Kankercellen maken chemische stoffen die kleine bloedvaten stimuleren rondom hen te groeien, die bloedvaatjes splitsen zich af van de bestaande bloedvaten. Dit vermogen om kankercellen te stimuleren bloedvaten te laten groeien, heet 'angiogenese'.

Stadium II (of Fase II): uitgroei in het direct omgevende weefsel
Kwaadaardige cellen hebben het vermogen om zich ‘een weg te banen’ door normale cellen. Dus, terwijl ze zich delen en vermenigvuldigen, dringen de kwaadaardige cellen binnen en veroorzaken schade aan het omliggende weefsel of oefenen daar druk op uit (wat ook beschadiging van gezonde cellen geeft).

Stadium III (of Fase III): uitzaaiing in lymfevaten en lymfklieren 
Sommige kwaadaardige cellen kunnen in de lokale lymfevaten terechtkomen. (Het lichaam bevat een netwerk van lymfevaten, die de lymfe afvoeren – dit is de vloeistof die de lichaamscellen omgeeft). De lymfevaten voeren lymfe af naar de lymfeklieren. Er zijn veel lymfeklieren verspreid in het hele lichaam. Een kwaadaardige cel kan vervoerd worden naar een lymfklier en daar vast raken. Zo’n cel kan zich op die plek vermenigvuldigen en uitgroeien tot een tumor. Hierdoor kunnen de lymfeklieren dicht bij een tumor zwellen en kankercellen bevatten.

Stadium IV (of Fase IV): uitzaaiing naar andere gebieden in het lichaam 
Sommige kwaadaardige cellen kunnen in een klein lokaal bloedvat (capillair) terechtkomen. Zij kunnen dan via de bloedbaan naar andere delen van het lichaam vervoerd worden. Daar kunnen deze cellen zich dan vermenigvuldigen en uitgroeien tot "secundaire" tumoren (metastasen) in één of meer delen van het lichaam. Deze secundaire tumoren kunnen op hun beurt ook weer lokaal groeien, binnendringen in de gezonde omgeving en schade aanbrengen aan nabijgelegen weefsels, en zich weer verder verspreiden.

Vormen van kanker

Er zijn meer dan 100 verschillende soorten kanker. Elk type wordt ingedeeld naar de aard van de cel waar de kanker uit afkomstig is. Bijvoorbeeld, een borstcel of een longcel. Elke vorm van kanker valt in het algemeen in één van de volgende drie categorieën:

  • Carcinomen. Dit zijn kankers die ontstaan uit cellen die een lichaamsoppervlak vormen of het oppervlak van een klier. Bijvoorbeeld, de huid of het slijmvlies van de darm, de bekleding van de mond, van de baarmoederhals, van de luchtwegen, etc.
  • Sarcomen. Dit zijn kankers die ontstaan uit cellen die de bindweefsels vormen, zoals botten en spieren. Bijvoorbeeld, een osteosarcoom is een kanker van botweefsel. 
  • Leukemieën en lymfomen. Dit zijn kankers van de cellen in het beenmerg en de lymfeklieren. Leukemie is bijvoorbeeld een kanker van de cellen die de witte bloedcellen maken.

De meest voorkomende kankers in Nederland zijn:

Bij vrouwen: baarmoederkanker, eierstokkanker, baarmoederhalskanker.
Bij mannen: prostaatkanker, testiskanker.
Bij vrouwen en mannen: borstkanker, longkanker, darmkanker en huidkanker.

Binnen onze site vind je aparte informatiepagina's met details over deze en andere soorten kanker.

Wat is fasering van kanker?

Fasering is een manier van beschrijven hoever een kanker gegroeid en uitgezaaid is. Een veel voorkomende beschrijving van fasen heet de TNM-classificatie.

  • T staat voor tumor - hoe ver de primaire tumor lokaal is gegroeid.
  • N staat voor nodulus of wel lymfeklieren - als de kanker zich heeft uitgezaaid naar de lokale lymfeklieren. 
  • M staat voor metastasen - als de kanker zich heeft uitgezaaid naar andere delen van het lichaam.

Wanneer een kanker is gefaseerd, is een nummer opgenomen voor elk van deze drie kenmerken.  Bijvoorbeeld, bij maagkanker:

  • T-1: de primaire tumor zit oppervlakkig in de maagwand. T-2: de primaire tumor zit tot diep in de maagwand. T-3: de primaire tumor is door de maagwand heen gegroeid en T-4 betekent dat het nabijgelegen structuren zoals de alvleesklier is binnengegroeid.
  • N-0 betekent dat er geen verspreiding is naar de lymfeklieren.  N-1 betekent dat sommige lokale lymfeklieren zijn aangetast.  N-2 betekent meer uitgebreide uitzaaiing naar de lokale lymfeklieren. 
  • M-0 betekent dat er geen uitzaaiingen zijn. M-1 betekent dat er uitzaaiingen zijn naar een ander deel van het lichaam, zoals de lever of de hersenen.

Dus, voor een bepaald geval van maagkanker, kan een arts iets zeggen als "het stadium is T-3, N-1, M-0".  Dit betekent dan dat de kanker zich heeft verspreid door de maagwand, er een aantal uitzaaiingen zijn naar de lokale lymfeklieren, maar geen uitzaaiingen in andere delen van het lichaam.

Er zijn andere faseringsclassificaties die soms gebruikt worden voor verschillende soorten kanker.  Voor sommige soorten kanker wordt een nummer gebruikt. Van kanker kan simpelweg worden gezegd dat deze zit in fase 1, 2, 3 of 4 (of fase I, II, III of IV). In de praktijk lopen de uitdrukkingen stadium, fase en fasering nog weleens door elkaar. Alle termen zeggen iets over de grootte van de primaire tumor en de mate van doorgroei en uitzaaiing. Het kan nog ingewikkelder worden als elk nummer kan worden onderverdeeld in a, b, c etc.  Je kunt bijvoorbeeld een kanker hebben in fase 3b. Een stadium 4 kanker noemen we ook wel 'geavanceerd' of sterk ‘gedifferentieerd’.

Waarom wordt kanker in stadium of fase uitgedrukt?

Het aangeven van het stadium van een kanker kan:

  • artsen helpen te adviseren over wat de beste behandeling is;
  • een redelijke indicatie van de prognose geven; 
  • de kanker in een standaard taal (een soort stenotaal) beschrijven. Dit is handig wanneer artsen onderling patiënten bespreken (nummering laat private persoonsgegevens achterwege) en wanneer patiënten betrokken zijn bij klinische proeven.

Stel, er is bij iemand sprake van darmkanker en het is in een vroeg stadium gediagnosticeerd. Een operatie om de tumor te verwijderen kan dan curatief zijn. (Dat wil zeggen, als de kanker is beperkt tot het slijmvlies van de darm, zonder uitgezaaid te zijn naar de lymfklieren of naar andere delen van het lichaam). Zit de kanker in een verder stadium en kan de primaire tumor al dan niet worden verwijderd, dan kan de behandeling ook chemotherapie bevatten en is de kans op genezing afgenomen.

Hoe worden de kankers gefaseerd?

Nadat de eerste diagnose kanker is gesteld, moet je waarschijnlijk verschillende onderzoeken ondergaan voor een nauwkeurige fasering. Deze onderzoeken kunnen wisselen, afhankelijk van de soort kanker. Ze kunnen bloedonderzoek en scans omvatten, zoals CT-scan, MRI-scan-, botscan en echografie. Het kan zelfs nodig zijn om een kijkoperatie te ondergaan op zoek naar metastasen of naar de primaire tumor, om de uitbreiding te bepalen.

Soms kan een kanker niet nauwkeurig worden gefaseerd tot na een operatie waarbij de primaire tumor verwijderd wordt. Het verwijderde tumorweefsel wordt dan onder een microscoop onderzocht om de uitgroei van kankercellen in normaal omgevend weefsel te bepalen (zijn de snijvlakken ‘vrij’ of niet) en bekeken moet worden of de nabijgelegen lymfeklieren kankercellen bevatten. Er zijn aparte folders die informatie geven over de verschillende scans en tests die kunnen worden geadviseerd om een kanker te faseren.

Wat is een indeling voor kankercellen?

Sommige kankers worden ook ingedeeld. Dit gebeurt door bestudering van een weefselmonster (biopt) waarin kankercellen onder de microscoop worden bekeken of op andere manieren worden onderzocht. Door te kijken naar bepaalde functies van de cellen kan de kanker worden gerangschikt in mate van ontwikkeling van de kankercellen: laag, matig of hoog gedifferentieerd (ontwikkeld).

  • Goed gedifferentieerd: de kankercellen zijn vaak langzaam groeiend, zien er volkomen vergelijkbaar uit met normale cellen, meestal minder "agressief", en hebben minder neiging zich snel uit te zaaien.
  • Matig gedifferentieerd – een soort tussenstadium. 
  • Laag gedifferentieerd: de kankercellen zijn vaak snel groeiend, zien er zeer abnormaal uit, meer geneigd "agressief" te zijn, en hebben meer neiging om zich snel te verspreiden en uit te zaaien.

Sommige kankers hebben weer een iets ander systeem van indeling. Bijvoorbeeld borstkanker wordt ingedeeld als 1, 2 of 3, wat hetzelfde is als laag, intermediair of hoog gedifferentieerd. Een ander voorbeeld is de opsporing van prostaatkanker die is ingedeeld via een Gleason-score. Dit is vergelijkbaar met andere systemen van indeling; een lage Gleason score betekent hetzelfde als' hoog gedifferentieerd', en een hoge Gleason score betekent hetzelfde als 'laag gedifferentieerd’.

Meestal voor zichzelf zal de arts soms gebruik maken van een stadium, fase of differentiatie-indeling. Daarvan hangt de informatie af die over de kanker gegeven kan worden. Zoals over behandelopties of prognose.