Tenniselleboog of tennisarm

Ook wel genoemd: 
Epicondylitis lateralis

Wat is tenniselleboog en wat zijn de symptomen?

Een tenniselleboog veroorzaakt pijn aan de buitenkant van de elleboog. Een medische term voor een tenniselleboog is epicondylitis lateralis. Dit is vanwege het feit dat de pijn gevoeld wordt rond het gebied van de laterale epicondyl (het onderste, buitenste, benige gedeelte van de humerus, het bovenarmsbot). Bij de meeste mensen ontstaat de pijn alleen als je de onderarm en pols beweegt, vooral bij draaiende bewegingen zoals het gebruiken van een deurklink of het pakken van een kopje. Bij sommige mensen is de pijn constant aanwezig.

De pijn kan ook vanuit je elleboog naar je pols stralen, waardoor het moeilijk wordt om dingen vast te houden zoals een mes of vork, een kopje of een pen. Sommige mensen hebben moeite de arm volledig te strekken met een tenniselleboog. Sommige mensen merken ook stijfheid op in de betreffende arm.

Golferselleboog is de naam die gegeven wordt aan een vergelijkbare aandoening die pijn rond de binnenkant van de elleboog geeft. Dit heeft in medische termen epidoncylitis medialis. Deze folder gaat alleen over de tenniselleboog.

Wat veroorzaakt een tenniselleboog?

De plek van de pijn is waar de pezen van de onderarmspieren vastzitten aan het bot rond de elleboog. Aangenomen wordt dat de pijn het gevolg is van een beschadiging, of verschillende kleine beschadigingen (microtraumata), aan een of meer pezen. De beschadiging kan een kleine scheur in de pees veroorzaken en een ontsteking, waardoor een litteken op de pees kan ontstaan.

De beschadigingen worden meestal veroorzaakt door overmatig gebruik van de onderarmspieren bij herhaalde bewegingen zoals kleren uitwringen of handwerkzaamheden  (meer in het bijzonder bij draaiende bewegingen zoals het draaien van een schroevendraaier). Het spelen van tennis of een andere racketsport is slechts de oorzaak bij ongeveer 5% van de mensen. Meestal krijg je een tenniselleboog aan je dominante arm (de arm waarmee je schrijft) – maar soms ook juist niet.

Wie krijgt een tenniselleboog?

Een schatting over het voorkomen van tennisellebogen is ongeveer bij 2.8% van de bevolking tussen 20 en 80 jaar. Het ontstaat meestal tussen het 40e en 60e jaar. Het komt even veel voor bij vrouwen als bij mannen.

Een tenniselleboog ontstaat waarschijnlijk makkelijker als de onderarmspieren belast worden op een wijze waar ze zich niet snel op kunnen instellen. Je speelt veel tennis op je vakantie bijvoorbeeld, je gaat klussen thuis en je ben niet gewend aan sterke onderarmbewegingen. Echter ook bij gewenning aan zware armbelasting kan toch een pees overbelast raken. Mensen die bij het werk hun onderarmen vaak gebruiken in draaiende of grijpende bewegingen , zoals timmermannen en stukadoors, zijn vatbaar (-der)  voor een tenniselleboog.
Soms is het lastig na te gaan wat de precieze oorzakelijke beweging is die de klachten veroorzaakt. Soms krijg je de aandoening zonder duidelijke reden en zonder overmatig gebruik van de (onder-) arm.

Hoe wordt een tenniselleboog gediagnosticeerd?

Je arts stelt de didagnose op grond van je verhaal (anamnese) en door onderzoek van je armen. Je kunt vooral pijn ervaren wanneer de dokter het buitenste gedeelte van je elleboog onderzoekt (drukpijn). Ook kan de arts bij het onderzoek je onderarm naar buiten draaien terwijl je de elleboog gebogen houdt (zoals bij een kopje pakken of een stoel bij de rugleuning optillen), dat geeft meestal de typische pijnklachten. 

Verder onderzoek is meestal niet nodig om tenniselleboog te diagnosticeren. Verbeteren de klachten na een tijd niet dan kun je wel doorverwezen worden naar een specialist. De specialist kan dan bijvoorbeeld een MRI-scan laten maken.

Wat zijn de behandelopties bij een tennisarm?

Activiteiten die je symptomen veroorzaken aanpassen
Je weet al snel precies welke bewegingen je pijn veroorzaken en je zou moeten proberen deze zoveel mogelijk te vermijden. Meestal wordt de pijn erger door tillende, grijpende en draaiende bewegingen van de betreffende arm. Stoppen met deze activiteiten kan helpen om de ontsteking te verminderen zodat de microtraumaatjes aan de pees kunnen genezen. Bij sommige mensen kan het aanpassen van activiteiten en het stoppen van herhaalde bewegingen van de arm of hand genoeg zijn om hun tenniselleboog te verbeteren.

Het kan nodig zijn om dit met je bedrijfsarts en/of werkgever te bespreken als je denkt dat je werk aan de tennisarm bijdraagt. Er kunnen verschillende andere passende taken zijn die je in overleg op je werk kan doen terwijl de tenniselleboog herstelt. Het is, ook dan, raadzaam om regelmatig even te pauzeren en de houdingen en bewegingen van je armen regelmatig af te wisselen.

Ontstekingsremmende en andere pijnstillers
Ontstekingsremmende pijnstillers zoals Ibuprofen worden meestal gebruikt om de pijn in de tenniselleboog te verminderen. Sommige ontstekingsremmende pijnstillers komen ook voor als crème of gel, die je over de pijnlijke elleboog kan smeren. Deze geven minder bijwerkingen dan orale (via de mond) ontstekingsremmer en kunnen een goede afname van de pijn geven. Er zijn verschillende merken die je kan kopen of op recept kan krijgen. Vraag je dokter of apotheker om advies.

Als je geen ontstekingsremmens kan nemen, kunnen andere pijnstillers zoals Paracetamol, met of zonder Codeïne erin, helpen.

Corticosteroïde injectie
Als de bovenstaande maatregelen niet werken, of als je ernstige pijn hebt en moeite met het gebruik van je arm, kan een injectie met corticosteroïden in het pijnlijke gedeelte van de elleboog de pijn verminderen. Sommige mensen krijgen na zo’n injectie de pijn niet meer terug. Vaak helpt het tijdelijk voor bijvoorbeeld een paar weken. Het is het wel waard om te overwegen een corticosteroïdeninjectie te ‘nemen’, vooral in combinatie met andere maatregelen (werkaanpassing bijvoorbeeld), hoewel een aantal onderzoeken hebben uitgewezen dat het vaak tijdelijk helpt, waarna de pijn terugkomt (maar die is dan vaak wel minder). 

Zelfs als een corticosteroïde injectie je pijn heeft verminderd, dan moet je nog steeds je arm rust geven van bepaalde activiteiten die je pijn daarvoor hebben veroorzaakt. Bouw je activiteiten gedurende een paar weken op om de kans op het terugkomen van de klachten te verminderen.

Een corticosteroïde injectie kan soms herhaald worden na een paar weken als de pijn terugkomt. Maar je krijgt in totaal eigenlijk nooit meer dan drie injecties op de zelfde plek krijgt. Er kunnen ook bijwerkingen zijn van corticosteroïden, zoals:

  • Pijn bij de injectie.
  • Atrofie (krimpen of verlies) van het vetweefsel onder de huid op de plek van de injectie.
  • Schade aan de pees rond de elleboog (dit is heel zeldzaam).

Fysiotherapie
Fysiotherapie is bewezen van nut bij de behandeling van tenniselleboog. De fysiotherapeut kan technieken gebruiken als massage, lasertherapie en ultrageluidstherapie en ook oefeningen geven om je tenniselleboog te behandelen. Het is niet duidelijk welke methode beter is: bij de één heeft een methode baat en bij de ander weer een andere methode.

Onderzoek heeft uitgewezen dat fysiotherapie niet zo goed is als een corticosteroïde injectie om de pijn op korte termijn te verminderen (dat wil zegen binnen de eerste zes weken). Maar het kan beter zijn dan meerdere corticosteroïde injecties op de langere termijn.

Andere behandelingsmethoden
Deze kunnen het dragen van een speciale elleboogband zijn (‘drukbandje’). Dit kan helpen om steun en bescherming aan de elleboog te geven tot de symptomen verminderen. Een andere methode is het dragen van een polsspalk die de pijn kan verminderen door de spieren die aan je elleboog trekken te laten rusten. Het dragen van steunbanden zoals beschreven in combinatie met fysiotherapie kan een beter effect geven op de langere termijn. 

Shockwave (schokgolf-) therapie waarbij onder hoge druk lage frequentie geluidsgolven gebruikt worden kan tegenwoordig ook (steeds vaker) worden toegepast. Na een aantal behandelingen blijkt deze methode in veel gevallen te werken. Er is wel een kleine kans op bijverschijnselen, zoals pijn en bot- of spierbeschadiging. Je kunt informatie vragen bij een fysiotherapeut die deze behandeling toepast of bij je huis- of bedrijfsarts. 

Als de klachten onvoldoende op bovenstaande behandeltechnieken reageren en ja langdurig veel pijn en hinder van de tennisarm ondervindt, dan kan een specialist een operatie adviseren. De meest gebruikte operatiemethode om symptomen te verminderen is om het beschadigde deel van de pees te verwijderen. Slechts een klein aantal mensen heeft een operatie nodig om symptomen te verminderen.

Wat is de prognose voor mensen met een tenniselleboog?

Als je je arm rust geeft en activiteiten die je symptomen veroorzaken vermijdt, is er een goede kans dat je tenniselleboog met de tijd vermindert. Pijn van tenniselleboog duur meestal zes tot twaalf weken omdat pezen ‘langzame helers’ zijn. Maar bij sommige mensen kan de pijn langer duren (tussen zes maanden twee jaar).

De behandelingen hierboven beschreven kunnen symptomen sneller doen verminderen. In de praktijk is het zo dat een tenniselleboog eigenlijk altijd ook spontaan kan genezen, maar dat behandelmethoden sneller verbetering van klachten kunnen geven.

Helaas, als je eenmaal tenniselleboog hebt gehad, kan het terugkomen.

Kan een tenniselleboog voorkomen worden?

Je kan meestal niet een plotseling overmatig gebruik van de arm, wat een tenniselleboog kan veroorzaken, voorkómen. Maar als je de kracht in je onderarmspieren verbetert, kan dit helpen om verdere klachten in de toekomst te voorkomen. Het doel is om oefeningen te doen en de spieren te versterken, maar draaiende bewegingen te vermijden. Het is het beste om naar een fysiotherapeut te gaan voor advies over hoe je je onderarmspieren kan versterken.