Urine incontinentie

Wat is urine-incontinentie?

Als je last hebt van urine-continentie betekent dit dat je urineert wanneer je dit niet van plan was (de urine loopt onvrijwillig weg). Het kan verschillen van een klein ‘drupje’ zo nu en dan, tot grotere urinevloed. Incontinentie kan zowel pijn veroorzaken als een hygiëneprobleem zijn.

Het begrijpen van urine en de blaas

De nieren maken constant urine. Er druppelt altijd urine van de nieren naar de urineleiders (de buizen van de nier naar de blaas). Je maakt verschillende  hoeveelheden urine aan afhankelijk van hoeveel je drinkt, eet en zweet.

De blaas is gemaakt van spieren en slaat de urine op. Hij vergoot zich als een ballon wanneer hij zich vult met urine. De afvoer voor urine (de urethra of plasbuis) blijft normaal gesproken gesloten. Dit wordt ondersteund door spieren onder de blaas die rond de urinebuis liggen (de bekkenbodemmusculatuur ofwel de bekkenbodemspieren).

Wanneer zich een bepaalde hoeveelheid urine in de blaas bevindt, word je je ervan bewust dat de blaas vol raakt. Wanneer je naar het toilet gaat om te urineren, trekt de blaasspier zich aan (knijpt), en de plasbuis en de bekkenbodemspieren ontspannen zich.

Ingewikkelde zenuwberichten worden verstuurd tussen de hersenen, de blaas en de bekkenbodemspieren. Die berichten ‘meten’ hoe vol de blaas is, en laten de juiste spieren samentrekken of juist ontspannen op het juiste moment.

Hoe vaak komt urine-incontinentie voor?

Incontinentie voor urine komt veel voor, vooral bij vrouwen. Het kan zich voordoen op elke leeftijd, maar het gebeurt vaker naar mate je ouder wordt. Schattingen zijn dat ongeveer 4% van de volwassenen wel eens last heeft van urine-incontinentie. Boven het 40e jaar zou zeker 20% van de vrouwen last hebben van een zekere mate van urine-incontinentie.
Waarschijnlijk ligt deze schatting laag omdat veel mensen hun probleem niet aan anderen vertellen. Vaak zijn mensen te verlegen om er zelfs met hun arts over te spreken. Sommige mensen denken ook onterecht dat incontinentie bij het ouder worden hoort of dat er niets aan te doen valt. Dit is onjuist, in veel gevallen kan  het behandeld worden.

Wat zijn de oorzaken van urine-incontinentie?

Er zijn drie verschillende typen urine-incontinentie.

  • Stressincontinentie is het meest voorkomende type. Het ontstaat als de druk in de blaas te hoog is voor de blaasafvoer om de plas tegen te houden. Normaal gesproken ontstaat dit doordat de bekkenbodemspieren die de blaas ondersteunen zwakker worden. Urine neigt dan te lekken wanneer je hoest, lacht of beweegt (zoals wanneer je rondspringt of rent). In deze situaties is er een plotselinge extra druk (‘stress’) in de onderbuik en op de blaas. Kleine hoeveelheden urine kunnen lekken, maar soms is het meer wat erg lastig kan zijn. De meest voorkomende aanleiding voor een verzwakking van de bekkenbodemspieren is na een bevalling. Stressincontinentie komt nogal eens voor bij vrouwen die meerdere kinderen hebben. Maar ook bij ouderen die zwaarlijvig zijn.
  • Urge-incontinentie of aandrang-incontinetie (een instabiele of overactieve blaas) is de op een na grootste oorzaak. Dit is wanneer je een sterke aandrang hebt om te urineren. Soms lekt er urine voordat je tijd hebt om bij het toilet te komen. De blaasspier trekt zich te snel aan en de normale controle is verminderd. In de meeste gevallen is de oorzaak van urge-incontinentie onbekend. Dit wordt idiopathische urge-incontinentie genoemd. Het lijkt erop dat de blaasspier verkeerde signalen naar de hersenen stuurt, en de blaas voller voelt dan hij daadwerkelijk is. Soms kan urge-incontinentie ontstaan door problemen met de hersenen of zenuwen. Bijvoorbeeld na een beroerte, bij mensen met de ziekte van Parkinson, bij mensen met multiple sclerosis of wanneer je beschadigingen hebt aan het  ruggenmerg of andere hersenafwijkingen hebt. 
  • Een mengvorm van incontinentie. Sommige mensen hebben een combinatie van stressincontinentie en urge-incontinentie.

De meeste gevallen van urine-incontinentie zijn het gevolg van bovenstaande oorzaken. Andere oorzaken komen minder vaak voor. Zoals:

  • Overloop-incontinentie. Dit ontstaat wanneer er een belemmering is in de uitlaat van urine. De belemmering voorkomt het normale legen van de blaas. Zo blijft er altijd een beetje urine in de blaas achter na het plassen, omdat hij zich niet goed kan legen – dit wordt in vaktermen een residu in de blaas genoemd. Er ontstaat druk achter de belemmering. Het normale mechanisme om de blaas te legen is gebrekkig en zo kan urine van tijd tot tijd langs de verstopping lekken. De meest voorkomende oorzaak hiervoor bij mannen is het opzwellen van een prostaatklier. Behandeling hangt af van de oorzaak. Bijvoorbeeld verwijdering van de prostaat (prostatectomie) als een vergrootte prostaat de oorzaak is.
  • Bedplassen (enuresis noctura ofwel nachtelijk plassen) komt voor bij veel kinderen, maar bij sommige volwassenen komt dit ook voor.

Wat kan er gedaan worden aan urine-incontinentie?

Urine-incontinentie kan meestal verbeterd worden en in veel gevallen genezen worden. Elk type urine-incontinentie wordt verschillend behandeld.

Beoordeling

Het is belangrijk om te weten van wat voor type incontinentie je last van hebt. Praat erover met je arts. Hij of zij kan dan je symptomen beoordelen, je onderzoeken, en simpel onderzoek doen om te verhelderen wat de oorzaak is. Je kan ook gevraagd worden om een paar dagen een dagboek bij te houden om te beoordelen hoe vaak je naar het toilet gaat, hoeveel urine je uitplast, en hoe vaak je urine lekt. Soms is een doorverwijzing naar een specialist nodig om te verhelderen van welk type urine-incontinentie er sprake is. Onderzoek wat verricht kan worden bestaat onder andere uit:

  • Urine-stickje. Dit is een eenvoudig meetstaafje om te onderzoeken of er sprake is van infectie, bloed of eiwit in de urine.
  • Residu van de urine. Dit onderzoek achterhaalt of er urine achter is gebleven in de blaas, en hoeveel urine er is achter gebleven, nadat je naar het toilet bent geweest. De hoeveelheid urine wordt meestal gemeten door middel van een echo waarmee de blaasinhoud kan worden gezien en de hoeveelheid urine kan worden gemeten.  
  • Vaginaal en anaal onderzoek. Een inwendig onderzoek van vagina en endeldarm kan informatie geven over de kracht van de bekkenbodemspieren. Bij mannen kan het rectale onderzoek ook informatie geven over de grootte van een prostaatklier. Bij vrouwen wordt bij het vaginale onderzoek informatie verkregen over tekenen van verzakking van de bekkenorganen.  Bij een vaginaal onderzoek wordt vaak een speculum (‘eendenbek’) gebruikt.  Zie onze aparte folder genaamd ‘Genitale verzakking’ voor meer details. 
  • Urodynamisch onderzoek. Dit zijn onderzoeken naar de stroom van de urine, die soms gedaan worden in een ziekenhuis wanneer de oorzaak van het probleem niet geheel duidelijk is. Deze onderzoeken worden ook vaak uitgevoerd indien wordt overwogen operatief in te grijpen om het probleem te behandelen (zie onder).

Behandeling

De behandeling hangt af van het type incontinentie. Zie de afzonderlijke folders genaamd ‘Stressincontinentie’, ‘Urge-incontinentie’ en ‘Bedplassen (Enuresis)’. Bekkenbodem spieroefeningen kunnen stressincontinentie genezen; blaastraining kan urge-incontinentie genezen; een nachtelijk alarmsysteem kan enuresis genezen; medicijnen worden soms gebruikt om urge- en stressincontinentie te stoppen, en ook bij enuresis. Andere typen van incontinentie zijn minder vaak voorkomend en de behandeling verschilt, afhankelijk van de oorzaak.

Veranderingen in leefstijl kunnen soms ook bepaalde typen incontinentie verhelpen. Dit kan een verandering inhouden van de hoeveelheid vloeistof die je drinkt (de hoeveelheid die je drinkt te vergroten als je te weinig drinkt, of juist te verminderen als je te veel drinkt) en ook afvallen als je overgewicht hebt.

Je huisarts kan je een behandeling adviseren of je doorverwijzen naar een incontinentie-adviseur voor advies over zaken als bekkenbodemoefeningen of blaastraining. In sommige situaties kun je met je arts besluiten om ‘af te wachten’ om te kijken hoe het gaat, voordat er behandeling wordt geprobeerd. Dit is soms de moeite waard omdat sommige lichte gevallen uit zichzelf beter worden zonder behandeling. Soms moet er een specialist bij betrokken worden in moeilijke gevallen. Soms wordt operatief ingegrepen om incontinentie te behandelen, vooral bij stressincontinentie. Als je incontinentie aanhoudt en niet wordt verholpen door behandeling, kan je adviezen krijgen van een incontinentie-adviseur. Die kan ook materiaal verschaffen als incontinentiebroekjes, inlegkruisjes etc. Er zijn tegenwoordig veel verschillende hulpmiddelen, artikelen en apparaten die het leven met incontinentie flink kunnen verbeteren.