Vaccinatie tegen tekenencefalitis

Wat is tekenencefalitis?

Tekenencefalitis (TE) wordt veroorzaakt door een virus. Het wordt in de regel verspreid door beten van teken die met het virus besmet zijn. Ongepasteuriseerde melk van besmette dieren, met name geiten, is een minder vaak voorkomende oorzaak. Mensen die besmet zijn ontwikkelen symptomen die op griep lijken die ongeveer een week duren. Daarna kan het overgaan in encefalitis (ontsteking van de hersenen) of meningitis (ontsteking van de hersenvliezen). Dit kan leiden tot hoofdpijn, koorts, verwarring, opwinding, overgeven en een coma en zelfs de dood.

Er bestaan drie soorten van deze aandoening: de West-Europese variant, de variant uit het Verre Oosten en de Siberische variant. De West-Europese variant komt met name voor in west- en centraaleuropese landen, met name in bosachtige en bergachtige gebieden. De variant uit het Verre Oosten komt voor in Oost-Rusland en sommige landen in Oost-Azië, met name in de bosachtige gebieden van China en Japan. De Siberische variant komt voor in Siberië.

Wie moet zich laten vaccineren?

Een vaccinatie-instelling kan je advies geven. Maar in het algemeen wordt vaccinatie geadviseerd voor de Baltische staten (bij verblijf van meer dan 2 dagen) en voor Centraal en Noord-Europa (bij verblijf langer dan 4 weken). 

Het risico voor de gemiddelde reiziger naar getroffen landen is over het algemeen klein. Vaccinatie wordt aangeraden voor mensen die van plan zijn te gaan wandelen, kamperen of werken in dichtbeboste gebieden van risicogebieden tussen april en oktober, wanneer de teken de meeste activiteit vertonen, met name in gebieden met veel struikgewas. Het wordt ook aangeraden voor mensen die mogelijk besmet zijn met het virus (bijvoorbeeld laboranten).

Het vaccinatieschema

Normaal gesproken worden er drie injecties gegeven. De tweede injectie wordt 1-3 maanden na de eerste gegeven en de derde 5-12 maanden na de tweede. Daarna moet je iedere 3-5 jaar een vervolgvaccinatie hebben zolang je de kans loopt besmet te raken. Als je ouder dan 60 bent, dan moet je de vervolgvaccinatie iedere drie jaar krijgen. Als het de bedoeling is dat je sneller immuun bent, dan kan een tweede injectie na twee weken worden gegeven, die wel wat minder bescherming biedt dan het andere schema.

Het vaccin stimuleert je lichaam om antistoffen aan te maken tegen het virus. Deze antistoffen beschermen je tegen de ziekte als je besmet mocht raken met dit virus.

Wie moet zich niet laten vaccineren?

  • Als je koorts hebt moet je de vaccinatie uitstellen tot je beter bent.
  • Als je een heftige reactie hebt gehad op de eerste vaccinatie, moet je geen vervolgvaccinaties krijgen. 
  • Als je zwaar allergisch bent voor eiwitten of andere bestanddelen van het vaccin. 
  • Het vaccin wordt niet gegeven aan kinderen jonger dan drie.
  • Het vaccin is veilig als je zwanger bent of borstvoeding geeft.

Zijn er mogelijke bijwerkingen van het vaccin?

  • Een lichte pijn en roodheid komen bij sommige mensen voor op de plek van de injectie.
  • Vermoeidheid, misselijkheid en een jeukerige huiduitslag en hoofdpijn komen bij sommige mensen voor 1-2 dagen na een inenting.
  • Heftige reacties zijn uiterst zeldzaam.

Probeer ook tekenbeten en infectie te vermijden

Vaccinatie is meestal effectief, hoewel niet in alle gevallen 100%. Het is dus raadzaam om, ingeënt of niet, als je naar de eerder genoemde gebieden reist:

  • Je armen, benen en enkels te bedekken.
  • Insectenwerende middelen te gebruiken op blootgestelde huid, sokken en andere kleding.
  • Geen ongepasteuriseerde melk te drinken, met name geitenmelk.

Als zich teken aan je hechten, moet je ze zo snel mogelijk verwijderen, het liefst langzaam en zonder te draaien, met een pincet.

En als ik door een teek wordt gebeten?

De kans dat je door één beet wordt besmet is klein. Als je echter gebeten wordt in één van de eerder genoemde gebieden, zoek dan meteen medische hulp. Er is een antidotum beschikbaar dat kan worden toegediend als het vermoeden bestaat dat je bent besmet.