Beroerte

Ook wel genoemd: 
CVA

Wat is een CVA en wat is de oorzaak?

Een CVA betekent dat de bloedtoevoer naar een deel van de hersenen plotseling wordt afgesneden. De hersencellen hebben een constante aanvoer van zuurstof nodig uit het bloed. Kort nadat de bloedtoevoer is afgesneden, raken de cellen in het getroffen gebied van de hersenen beschadigd of sterven af. Een CVA wordt in de volksmond ook wel een 'beroerte of een attaque' genoemd. Wij zullen hier verder spreken van CVA.

De bloedtoevoer naar de hersenen komt hoofdzakelijk uit vier slagaders – de rechter en linker halsslagader, en de rechter en linker vertebrobasilaire slagader (zie tekening hieronder). Deze slagaderen vertakken in vele kleinere bloedvaten die bloed leveren aan alle gebieden van de hersenen. Het gebied van de hersenen dat wordt getroffen en de omvang van de schade hangt af van het bloedvat dat wordt getroffen.

Bijvoorbeeld als de bloedtoevoer van één grote halsslagader uitvalt wordt een groot gedeelte van je hersenen getroffen wat kan leiden tot ernstige symptomen of de dood. Als daarentegen een kleine vertakking wordt getroffen wordt slechts een klein gedeelte van de hersenen beschadigd, wat ertoe kan leiden dat er relatief weinig symptomen zijn. 
Er zijn twee soorten CVA’s – ischemisch (door bloedeloosheid van een gebied) en hemorragisch (door bloeding in een gebied).

Ischemisch CVA - gebeurt in ongeveer 70% van de gevallen
Er is sprake van een verlaagde bloed-en zuurstoftoevoer naar een deel van de hersenen. Deze veel voorkomende vorm van een beroerte wordt meestal veroorzaakt door een bloedstolsel in een slagader waardoor de doorstroming van het bloed geblokkeerd wordt.

  • Het bloedstolsel vormt zich vaak in de slagader zelf. Dit gebeurt meestal door een atheroom, een vetafzetting in de vaatwand. (Atheroomvorming noemen we ook wel ‘aderverkalking’). Veel ouderen krijgen aderverkalking. Wordt een atheroomplaque groter dan kan dit aanleiding geven tot de vorming van een stolsel ter plaatse. Hierdoor kan een bloedvat afgesloten raken.
  • In sommige gevallen vormt het bloedstolsel zich in een ander deel van het lichaam en raakt dan los om via de bloedbaan vervoerd te worden (‘bloedprop’ of embolie). Het meest voorkomende voorbeeld is een bloedprop die zich in een hartkamer vormt als gevolg van abnormale turbulente bloedstroom. Dit kan voorkomen bij atriumfibrilleren (zie aparte folder genaamd 'Atriumfibrilleren' voor meer details). Op enig moment loopt het stolsel danvast, bijvoorbeeld in de hersenen.
  • Er zijn andere zeldzame oorzaken van een ischemisch CVA.

Hemorragische beroerte
Een beschadigde of verzwakte slagader kan "barsten" en gaan bloeden:

  • Bij een intracerebrale bloeding barst een bloedvat in de hersenen. Het bloed lekt vervolgens in het nabijgelegen hersenweefsel. Dit kan ertoe leiden dat de getroffen hersencellen hun zuurstofvoorziening verliezen en beschadigd raken of sterven. Dit gebeurt in ongeveer 10% van deCVA’s.
  • Bij een subarachnoïdale bloeding barst een bloedvat in de subarachnoïdale ruimte. Dit is de smalle ruimte tussen de hersenen en de schedel. Deze ruimte is normaal gesproken gevuld met een vloeistof genaamd de cerebrospinale vloeistof. Ongeveer 5% van de CVA’s zijn te wijten aan een subarachnoïdale bloeding.

Onduidelijke oorzaak
De oorzaak is onduidelijk bij een heel klein aantal CVA’s.

Wie wordt getroffen door een CVA?

Gemiddeld worden rond de 225.000 mensen per jaar in Nederland getroffen door een CVA, waarvan ongeveer 35.000 gevallen een eerste CVA betreffen. Het aantal CVA’s neemt geleidelijk toe in Nederland waarschijnlijk omdat steeds meer mensen een coronaire hartziekte overleven. De meeste gevallen doen zich voor bij mensen die ouder zijn dan 65. Maar een CVA kan op elke leeftijd voorkomen, ook bij baby's. Gemiddeld overlijden 10 tot 12 duizend mensen per jaar aan een CVA. Daarmee is een CVA de belangrijkste doodsoorzaak bij vrouwen en de derde doodsoorzaak bij mannen. De opnameduur als gevolg van een CVA is in de loop der jaren gedaald. Dit komt vooral door snellere diagnostiek en betere behandeling (onder andere zgn. ‘stroke-units’). Vanwege de complexe zorg die na een CVA vaak nodig is zijn de kosten van de zorg gestegen. CVA behoort tot de 10 ‘duurste’ aandoeningen in Nederland.

Wat zijn de symptomen van een CVA?

De functies van de verschillende delen van het lichaam worden bestuurd door de verschillende onderdelen van de hersenen. Dus de symptomen variëren afhankelijk van welk deel van de hersenen wordt aangetast en van de grootte van het beschadigde gebied. Symptomen ontwikkelen zich meestal acuut (opeens) en kunnen zijn:

  • Zwakte van een arm, been, of beide. Dit kan variëren van totale verlamming aan een zijde van het lichaam tot lichte onhandigheid van een hand.
  • Zwakte en 'uitzakken' van de ene kant van het gezicht. Dit kan ertoe leiden dat je speeksel kwijlt.
  • Problemen met evenwicht, coördinatie, zien, spreken, communicatie of slikken.
  • Duizeligheid of evenwichtsverlies.
  • Gevoelloosheid in een deel van het lichaam.
  • Hoofdpijn.
  • Verwardheid.
  • Bewustzijnsverlies (treedt op bij ernstige gevallen).

Wat is een TIA?

Een TIA geeft klachten die vergelijkbaar zijn met een CVA, maar ze houden minder dan 24 uur aan. Het is te wijten aan een tijdelijk gebrek aan bloed naar een deel van de hersenen. De volledige term is 'transient ischaemic attack'. In de meeste gevallen wordt een TIA veroorzaakt door een klein bloedstolsel dat vastzit in een klein bloedvat (slagader) in de hersenen. Dit blokkeert de bloedstroom en een deel van de hersenen raakt zuurstofarm. Het getroffen hersendeel wordt echter maar een paar minuten getroffen en herstelt al snel. Dit komt ofwel omdat het bloedstolsel snel wordt afgebroken ofwel omdat de nabijgelegen bloedvaten het zuurstofverlies compenseren.

In tegenstelling tot een CVA gaan de symptomen van een TIA snel weg. Toch moet je wel een arts raadplegen zeker als je een verhoogd risico op een "volledige" CVA hebt. (Zie de aparte folder genaamd 'Transient Ischemische Aanval' voor meer details).

Handige tips met betrekking tot een CVA om te onthouden

Zowel een CVA als een TIA zijn medische noodsituaties en hebben onmiddellijk medische hulp nodig. Een handig ezelsbruggetje om te checken of er sprake kan zijn van een CVA of TIA is het woord GAST. Dit houdt in:

G – Gezichtszwakte. Kan de persoon glimlachen? ’Hangt’ de mondhoek of het oog?
A - Armzwakte. Kan de persoon beide armen heffen of is één arm ‘verlamd’?
S – Spraakstoornissen. Kan de persoon duidelijk spreken? Wordt begrepen wat je zegt?
T - Test bovengenoemde drie zaken. 

Ontwikkelt zich één van deze symptomen bel dan een arts of ambulance. Dit checklijstje omvat niet alle symptomen van een CVA of TIA maar vormt wel de basis en is makkelijk te onthouden. 80-90% van de mensen met een CVA of TIA heeft minimaal één van de symptomen van de GAST-lijst.